Makkum-Schotland

 

 

Makkum – Vlieland        23 juni
Vlieland – Hartlepool   21 juni 07:10 – 26 juni 17:30
Hartlepool – Amble       27 juni
Amble – Peterhead        28 juni – 29 juni

Zondag 23 juni 1996 vertrekken we voor ons rondje Noordzee vanuit Nederland via Engeland, Schotland, Noorwegen, Denemarken en Duitsland weer terug naar Nederland.

We zijn de eerste nacht in de jachthaven van Vlieland. De wind komt uit NW richtingen en de volgende dag moet er worden gekruist. Het waait eerst 5 a 6 Bf, maar pas dinsdagmorgen de 25e halen we het tweede rif uit het zeil, eigenlijk een paar uur te laat. Een lagedrukgebied passeert zuidelijk van ons met als gevolg dat de wind krimpt en overdag afneemt tot een echte windstilte. De zee is als olie en plotseling krijgen we bezoek van een drietal dolfijnen die wel drie kwartier rond de boot en er onderdoor zwemmen. Eén van de drie is een echte artiest: hij maakt een sprong, gaat dan half gedraaid zwemmen, zodat hij met z’n oog boven water komt en naar mij kan kijken. Als ik applaudisseer is hij tevreden en maakt een volgende sprong.


Klik op een foto voor een grotere afbeelding


Tegen de avond is het leed weer geleden en trekt de wind weer aan tot 4 Bf uit het ZW. We kunnen dan weer zeilen en de snelheid loopt weer op tot bijna 6 knopen. Helaas van korte duur want woensdag besluiten we maar naar de kust te motoren nadat we een aantal uren hebben liggen te dobberen. We motoren niet snel om het verbruik rond de 1,2 ltr/uur te houden, want onze dieseltank is maar klein. Om half zes woensdagavond liggen we afgemeerd in Harlepool na een tocht met een slecht gemiddelde: precies 4 mijl per uur.

De jachthaven van Peterhead

De jachthaven van Peterhead

Donderdag de 27e zeilen we met een zwakke O/ZO wind langs de kust naar Amble, zo’n 40 mijl noordelijker.
Vrijdag willen we vanuit Amble in een rak doorvaren naar Peterhead en omdat er eerst weinig wind is vertrekken we pas na de middag. Als we ten westen van de Firth of Forth zijn, laat de wind ons even goed weten wie de baas is. Vanaf negen uur in de avond tot de volgende morgen We varen we met een wel erg stevige wind van gemiddeld 8 Bf. De meter wijst de hele periode meer dan 30 knopen aan maar komt ook regelmatig ruim boven de 40 knopen. We zeilen met het derde rif in het grootzeil en de werkfok van 18m2. Pas als het weer licht wordt zien we hoe hoog de golven zijn. De wind zakt gelukkig wat terug maar blijft tot Peterhead boven de 20 knopen waaien. Zaterdag om half vijf maken we in de jachthaven van Peterhead vast.

We blijven maar kort in Peterhead, want op maandag 1 juli vertrekken we weer naar Edinburg, want de Graduation ceremony voor mijn MBA vindt op de 5e juli plaats in Glasgow. We hebben gepland om de nacht in Montrose door te brengen.

Lighthouse Montrose

Lighthouse Montrose

Als we om half zes ’s middags daar zijn en de River South Eck op varen stroomt het stevig naar buiten. Ik denk dat we goed kunnen  aanleggen als we de stroom vrij varen en dus stil liggen tov de kade. Dit gaat heel goed zo lang we een paar meter van de kade afblijven. Maar vlak bij de kade komen we in een eddy (een tegenstroom) terecht waardoor wje van het ene op het andere moment door deze eddy worden meegenomen en we dan  allesbehalve stil liggen tov de kade. Het aanleggen gaat dus niet echt goed. Maar als we eenmaal vastliggen, liggen we heel comfortabel terwijl het log aangeeft dat we varen.

Dinsdag de 2e juli kunnen we we de laatste 60 mijl naar Port Edgar helemaal overdag afleggen. De rest van de week besteden we aan het afhalen van de kids van het vliegveld, bezoek aan Edinburg en natuurlijk het bezoek aan Glasgow op de 5e juli waar ik mijn bul ontvang tijdens de indrukwekkende Graduation ceremonie.

Dit artikel is gepubliceerd in categorie 1996 - GB No Dk.