Faeroer – Orkneys

Tocht: Faeröer – Orkneys

Vertrek: vr 15 juli 2005 10:45
Aankomst: zo 17 juli 2005 01:00
Afstand: 206 mijl


Omdat we de sleutel nog moeten inleveren waar statiegeld voor is betaald, komen we niet eerder weg dan kwart voor elf. Ik ben dan bij de douane en de havenmeester geweest, heb brood gehaald en heb nog even het weerbericht bestudeerd. Er wordt gewaarschuwd voor Bf 10 en 11 in het gebied ten westen van IJsland. Voor het gebied waar wij varen verwacht men Bf4-5.

De Prinsendam ligt in Torshavn


Wij varen de Nólsoyarfjørður uit met tegenstroom, zodat het eerste stuk langzaam gaat. Gelukkig trekt de wind al snel aan en gaat richting de beloofde 5. De wind komt echter zuidelijker in dan we graag willen en we zeilen toch wel aan de wind. Wat later op de dag trekt de wind nog wat verder aan en zit gemiddeld dichter bij de 6 dan bij 4 beaufort. We varen dan ook al gauw dubbel gereefd, terwijl we de High Aspect wisselen voor de fok op de wegneembare voorstag.

Torshavn op de achtergrond


Als we dichter bij de Orkneys komen blijkt dat daar een tweetal overslagpunten te zijn waar grote tankers olie laden. Ik weet niet of we deze installaties moeten ronden en we varen er maar dwars tussendoor, terwijl we de marifoon constant bij hebben staan. We horen niets terwijl er wel een paar schepen naar de platformen toe varen. Op de scheiding van de Atlantische oceaan en het continentale vlak vertonen de golven heel duidelijk een ander patroon, maar ze zijn niet echt hinderlijker.

Inmiddels beginnen we te rekenen wanneer en hoe de stroom zal lopen boven de Orkneys en in hoeverre we er plezier of last mee zullen krijgen. We vrezen dat we te laat zijn en dus last zullen hebben van de stroom.

Gelukkig voor ons draait de wind al snel verder door naar het westen en maken we een betere voortgang. Met de laatste restjes stroom uit de goede richting varen we om half elf zondagavond langs de oostkant van Papa Westray. De wind waait dan al met een stevige 7 en als we de zuidpunt van Papa Westray hebben bereikt hebben we hem pal op de punt. Het is inmiddels pikkedonker en alleen op de motor met een hoog toerental komen we maar moeizaam vooruit. Als we later wat verder van het eiland verwijderd zijn gaat het plotseling een stuk beter. In de buurt van Pierowall waar we naartoe gaan is het even goed uitkijken in het donker. De ingang is iets anders gesitueerd dan ik verwacht had en het op het laatste moment moeten we even stevig corrigeren, maar we draaien uiteindelijk goed de haven in. Daar worden we voor een volgende verrassing geplaatst want het blijkt dat de haven bij eb gedeeltelijk droog staat en hebben we veel minder manoeuvreerruimte dan verwacht. We moeten snel reageren, maar gelukkig is er wel een prachtige drijvende steiger die niet op de schetsjes stond.

Aan de drijvende steiger in Pierowall (foto de volgende dag genomen!)


De keiharde wind die ook in de haven heel goed merkbaar is maakt het ons niet makkelijk en met veel moeite leggen we uiteindelijk aan. Het kost ons vervolgens nog zo’n drie kwartier voordat de boot goed ligt en alles verankerd is. Toch drinken we zo midden in de nacht nog een borrel op de goede afloop en gaan dan slapen.

Dit artikel is gepubliceerd in categorie Faeroer - NL.