NMEA uitbreiding


De marifoon aan boord is een ICOM M505 DSC met een HM162E waterproof remote-control microfoon voor bediening vanaf de stuurstand. De eerste twee jaren hebben we gevaren zonder dat de marifoon een positie aangaf. Dat kwam omdat ik geen positie info op seatalk/NMEA had. Bovendien kon ik WinGPS en het Raymarine RNS navigatieprogramma niet gelijktijdig laten werken omdat de BU353 USB GPS muis niet door twee programma’s gelijktijdig kon worden benut. In 2011 had ik wel de repeater van WinGPS geactiveerd, zodat de positie wel op seatalk beschikbaar was, maar dat was schijnbaar onvoldoende voor RNS. Omdat het touwtje tussen de marifoon en de seatalk/nmea convertorbox ontbrak, was de positie ook niet beschikbaar op de marifoon.

Deze winter bestelde ik een extra MR350 GPS-muis met NMEA convertor. Ik raakte via e-mail met Onno Harders van PCnautic in gesprek over het punt “betrouwbaarheid” en hij gaf me het advies om de GPS antenne stand-alone aan te sluiten op de marifoon, om in noodsituaties onafhankelijk te zijn van een werkend seatalk/nmea netwerk. Omdat ik het netwerk met een Actisense NDC-4 NMEA multiplexer had uitgebreid, was hij van mening dat ik beter de positie van de kaartplotter zou kunnen oppikken. Eigenlijk was ik niet van plan om de kaartplotter aan te sluiten op NMEA, maar “betrouwbaarheid” is voor mij toch een heel belangrijk item. Dus toch maar een kabel naar de kaartplotter gebracht en de MR350 stand alone aangesloten op de marifoon. Het idee om de radar ook nog aan te sluiten heb ik maar laten vallen, omdat daarvoor weer een moeilijke connector nodig was. Het kabeltje gaf mij ook de mogelijkheid om de Vesper AIS display naar de stuurstand te brengen, zodat we bij een CPA alarm niet steeds onder de sprayhood hoeven duiken om de piep te resetten.



Al met al een aanzienlijke aanpassing die niet meer paste op de plek waar alle electronica samenkomt in de kaartentafel. Bovendien was het achter het schakelpaneel eerlijk gezegd ook een beetje een rommeltje geworden van antennekabels en netwerkkabels. Hiervoor heb ik een compacte unit gebouwd waar dit alles netjes samenkomt. Deze unit is bevestigd boven de radio en scharniert mee naar buiten met het linker schakelpaneel, zodat er geen losse kabels meer rondslingeren. In deze unit is de Raymarine Seatalk/NMEA convertor gebouwd en ook de MR350 die onderdeks prima werkt. De verbinding met de marifoon kon op die manier gemakkelijk worden gerealiseerd. Door middel van een extra kabeltje is de verbinding met de Actisense multiplexer gerealiseerd die op de vroegere plek van de convertor is gemonteerd.

Voor de PC kwam ik, danzij Onno Harders, in het bezit van een software multiplexer die het mogelijk maakt om een aantal vituele compoorten in de PC te configureren, zodat meerdere programma’s gelijktijdig gebruik kunnen maken van de compoort waarop de NMEA data binnen komt.

Een probleempje vormt de voeding voor de Actisense. Deze unit wordt gevoed door de USB verbinding met de PC. Als de PC uit staat werkt deze unit dus niet. Actisense geeft aan dat in geval van voeding door +12V de PC zou moeten worden verbonden dmv van een RS232 verbinding ipv USB. Naar mijn idee een manco van de Actisense die gemakkelijk dmv een jumper in de Actisense had kunnen worden voorkomen. Ik heb hiervoor een aparte schakelaar toegepast (met rood bijschrift) die +12V naar de Actisense brengt op het moment dat de PC niet aanstaat.

De seatalk converter aansluitingen:


De Comar AIS aansluitingen:


Dit artikel is gepubliceerd in categorie 2011 - 2012.