Skagen – Nyborg

Woensdag 4 – zaterdag 7 augustus 2010 Skagen – Frederikshaven – Hals – Grenaa

Vanuit Skagen varen we met tussenstops in Frederikshaven en Hals naar Grenaa. Van echt zeilen is geen sprake en de motor moet stevig meehelpen. De enige dag dat het wel waait blijven we in Frederikshaven omdat we er weer pal in op moeten. Op het Stensnäs Flak ten westen van Laeso letten we even niet op en lopen aan de grond omdat we een boei over het hoofd zien. Gelukkig is het een zandbodem en we zitten niet echt vast. De Danske Redningsselskapet hebben we dan ook niet nodig, even de motor bij en het diepere water is snel weer gevonden. In Hals zien we aan het einde van de middag dat een zevental jachten gaat ankeren voor de kust net buiten de ingang van de Limfjord in de Vejdyb. Wij liggen dan al in de jachthaven en de havenmeester is heel actief wat innen betreft. De jachthaven van Grenaa is groot, luxe en ongezellig. De havenmeester is ook hier door een ´parkeerautomaat´ vervangen. De haven onderscheidt zich dus niet echt en krijgt van ons geen erg hoog cijfer..

Zondag 8 augustus tot dinsdag 11 augustus 2010 Grenaa – Ankerplaats Knebelvig

Vanuit Grenaa gaan we naar Knebelvig, een baaitje iets ten noorden van Arhus. De wind is zwak tot zeer zwak en is weinig stabiel van richting. We zeilen het grootste gedeelte wel, maar kunnen geen strakke koers volgen. Het laatste stuk moeten we nog kruisen ook. Hoewel het weerbericht redelijk harde wind meldt, gaan we toch niet in een jachthaven maar naar een soort meertje. Op de kaart staan ankerboeien aangegeven en die blijken er te zijn ook. We maken vast op een diepte van 3,5 meter achter een lage wal, die redelijk bescherming biedt zolang de wind uit westelijke richtingen waait. De tijd dat we er liggen waait de wind ook uit het oosten en nog stevig ook en het is overwegend droog. We liggen overigens wel ‘in the middle of nowhere’ en hebben boodschappen nodig. Het haventje aan de overkant van het baaitje is ruim anderhalve mijl ver en er staan behoorlijke golven waardoor het varen met de bijboot geen pretje is. We laden daarom de fiets in de bijboot en brengen die naar de kant. Het eerste stuk voert langs de kant van de akkers en vindt een vervolg op een onverharde weg die later overgaat in een verharde weg. In het dorpje Knebel is een Spar supermarkt die alle noodzakelijke boodschappen voorradig heeft. Het ankerboeitje, waar we aan hebben vastgemaakt, is één van de ‘DS-turbøjer’ van de Dansk Sejl Union waar je lid van moet zijn: ‘Kun for medlemmer’ staat op de boei. Ook lees ik in de jachthavengids dat de vastmaaktijd beperkt is tot 24 uur. We zien geen enkel jacht dat er graag gebruik van wil maken en er is nog een tweede boei. Heel plezierig, want de draaicirkel is heel beperkt en als het hard waait slaapt het toch rustiger dan achter een anker .

Woensdag 11 augustus 2010 Ankerplaats Knebelvig – Ankerplaats Samsö

We willen het eiland Samsö aandoen en motoren het eerste deel van de reis in de regen, want het waait bijna niet. Nadat we eerst halverwege aan de oostkust hebben geankerd, lijkt het ons toch beter om een meer beschut plekje te zoeken in de buurt van het haventje Langör. Het actuele weer wijkt steeds weer af van wat in het weerbericht wordt vermeld. We vinden een prima plekje, althans zo lang het niet uit het Noordoosten waait, maar het is die nacht helemaal windstil. Het is een prachtige omgeving waar we liggen maar tijdens een lange wandeling ga ik eens kijken waarom alle andere jachten ‘om de hoek’ ankeren. Ik kan geen andere reden bedenken dan dat het vlak naast het haventje is.

Donderdag 12 augustus 2010 Ankerplaats Samsö

We besluiten om toch maar bij de andere jachten te gaan liggen omdat de wind naar de Noordoost hoek zal gaan. De beschutting daar is dan toch wat beter. In het haventje van Langör is slechts plaats voor kleinere jachten. Aan de buitenkant langs de golfbreker kunnen grotere jachten een plaats vinden. Wij ankeren wat verder van de kant op een harde zandplaat die op de kaart is aangegeven als ankerplaats, maar in de loop van de dag komen er veel jachten bij en de zwaairuimte wordt beperkt. Als een ander jacht, die dichter bij de kant ligt vertrekt nemen wij zijn plaatsje in. Naar mate de middag vordert begint het harder te waaien. ’s Avonds, al tamelijk laat, gaat het anker alarm af en als ik buiten kom drijven we al dicht bij een ander jacht. Het anker zit vol met waterplanten. Na drie rondjes in het donker ankeren we opnieuw op de zandplaat, maar nu dichter bij de haveningang en dusdanig dat we ook met veel ketting vrij kunnen rondzwaaien. Die nacht slaap ik niet en bedenk ik een methode hoe ik zeer nauwkeurig weet vast te leggen waar mijn anker ligt, zodat we ook precies weten of het anker krabt als de wind draait of als de stroom kentert. De oplossing is de MOB knop van de kaartplotter die we indrukken op het moment dat het anker valt.

Vrijdag, 13 Augustus 2010 Ankerplaats Samsö – Kerteminde

Vanuit Langör op Samsö vertrekken we vroeg richting Fyn met Nyborg als bestemming. Het waait gelukkig en beetje en we kunnen zeilen. Na een p[aar uurtjes besluit Aeolus dat hij genoeg zijn best heeft gedaan en onder een mooie blauwe hemel tuffen we de Store Belt in. Dat tuffen komt ons al snel de neus uit en met de lange brug tussen Fyn en Sjælland aan de horizon sturen we richting vaste wal en varen door de Romsø Sund tussen het vaste land van Fyn naar Kerteminde. De gastensteiger in de jachthaven is aan de zuidzijde volledig vol en dat is jammer want daar is veel manoeuvreerruimte. Aan de noordzijde van de steiger zijn zeker 10 boxen naast elkaar onbezet, maar als we een box willen insturen zie ik dat de palen wel erg dicht op elkaar staan en ver voor de grootste breedte van de boot varen we al klem. Een beetje vreemd, want de boxen zijn lang genoeg voor onze 13 meter. Het kost wat moeite om er weer weg te komen, want wat de boxen aan lengte te veel hebben komen we te kort aan manoeuvreerruimte. We zoeken nog even verder, maar kiezen ervoor om in de industriehaven vlak naast de jachthaven te gaan liggen. Aan het begin van de avond besteed ik ruimschoots de tijd om wat ‘speelgoed’ te gaan bekijken dat in de haven ligt. Bij het wedstrijdjacht van zo’n 18 meter verwonder ik me over de afmetingen van het beslag. Wat ik bij de Trintella ook al lang had gemerkt zie ik ook hier weer: de krachten op een boot nemen meer dan lineair toe naarmate een boot langer wordt. Eigenlijk ook niet verwonderlijk als ik me bedenk hoeveel zeil zo’n boot voert, ik heb bijna mijn verrekijker nodig om te topje van de mast te zien. Als ik me inleef in het zeilen met zo’n spartaanse inrichting trekt het me bepaald niet aan. De eigenaar van het superdeluxe jacht, dat die middag binnenkwam, is erg zuinig op zijn bezit. Tig stootwillen, die op een mammoettanker niet zouden misstaan, hangen aan de zijkant . Jammer genoeg kan ik weinig van het beslag zien, want hoesjes, waarvan ik zelfs het bestaan niet vermoedde, bedekken al dit moois. Ik moet toegeven, alles blinkt oogverblindend, zelfs op het grote RVS anker is geen krasje te bekennen. De eigenaar moet wel een echte poetser zijn, of zou ‘Crew’ op het shirt echt een deel van hun CV zijn? De boordschoenen staan netjes naast elkaar op een kokosmatje dat op de wal ligt en de opvarenden lopen op kousevoeten over het teakdek. Op de mat staat ‘ Willkommen an Bord’

Zaterdag, 14 Augustus 2010 Kerteminde – Nyborg

Onderweg naar de Brug over de Grote Belt zie ik de hoogte van de brug op de plotter staan. Pas op dat moment bedenk ik dat we niet onder het westelijke deel door kunnen vanwege de lengte van de mast. We zetten een koers uit naar de brug over het Oostelijk gedeelte. Het is toch wel een eindje om maar we kunnen geweldig goed zeilen. Vlak bij de brug is het water erg onrustig, onevenredig hoge golven en bovendien lijkt het erop of er een behoorlijke stroom staat. Maar eenmaal richting Nyborg gaat het weer als een speer, hoewel redelijk hoog aan de wind. We varen een wedstrijdje met een andere boot en omdat we een paar graden hoger kunnen varen winnen we met gemak. Nyborg is voor ons een bekende haven waar we met de vorige boot twee keer eerder zijn geweest. De haven bestaat uit drie gedeelten en wij gaan in eerste instantie in deel C liggen, omdat we daar het dichtste bij het centrum liggen. Maar juist als we hebben vastgemaakt begint een bandje in een tent op de kant wat nummers ten gehore te brengen. De muzikanten vinden dat de hele stad moet meegenieten want de volumeknop staat op ‘knalhard’. We hebben geen gehoorbescherming bij ons en met zoveel vermogen op 40 meter afstand ligt het bestek in de la mee te rammelen. We verkassen naar deel B waar we bijna als enige liggen, lekker comfortabel langs de kant!

Een Duits zeilersechtpaar uit deel A die, zoals ze vertellen, bijna permanent in Nyborg liggen met hun Bavaria 40, komt twee keer langs en we babbelen urenlang over ……. boten en zeilen natuurlijk en we vinden oplossingen voor allerlei lastige problemen op wereldniveau.

We liggen twee nachten in Nyborg. De bodem van onze groene lichtgewicht BP gasfles is in zicht en ik heb in het andere deel van de haven een dealer gezien. Er moet echter nog een Euro-aansluiting voor deze gasflessen worden uitgevonden, want de Deense fles heeft een klikaansluiting in plaats van een schroefaansluiting. Zo’n klikaansluiting heeft de dealer wel in voorraad, maar krijgen we de fles in Nederland wel geruild? In Noorwegen hebben de flessen een grijze kleur en de Nederlandse dealer had me voor vertrek al verzekerd geen grijze gasfles terug te nemen. We hebben als reserve een Camping gaz fles aan boord en die sluiten we aan. Terug in Nederland verzekert BP me dat een dealer in Nederland verplicht is elke gasfles terug te nemen, ongeacht de kleur of aansluiting.

Dit artikel is gepubliceerd in categorie Bergen - Franeker.