Harlingen – Vlieland

donderdag 10 juli 1980

Op de donderdagmiddag, de laatste halve werkdag voor de vakantiedag moeten we nog ‘even’ van Harlingen naar Stavoren. De marifoon is nog verzegeld en de inbouw ervan moet nog worden gekeurd voordat we het apparaat mogen gebruiken. Ook moet ikzelf nog een certificaat voor bediening uitgereikt krijgen.  Vanaf begin mei tot nu wachtten wij al op een oproep en de PTT was zo goed om de keuring ‘er nog even tussendoor te doen’,  als wij bereid waren naar Stavoren te komen, want er was iets fout gegaan bij hen.  Dichterbij was jammer genoeg geen optie. De havenmeester in Harlingen vindt het maar onzin dat we naar Staveren moeten, want hij weet dat de keurmeester in Franeker woont. Hij  wil ons wel ‘matsen’ en geeft ons zijn telefoonnummer. Als ik de keurmeester aan het einde van de dag aan de lijn krijg blijkt dat hij onze marifoon niet hoeft te keuren. Er zit niets anders op dan alsnog te vertrekken en om 19:00 uur varen we de haven van Harlingen uit. De eigenaar van een Noorse volksboot baalde behoorlijk dat we hem voorbijliepen in de Boontjes, zo vertelde hij ons in de sluis van Kornwerderzand. Ik troost hem dat we beiden toch gelijktijdig door de sluis komen. Na de sluis zetten we een rif en bomen de genua 3 uit. Tegen twaalf uur in de nacht maken we vast aan de buitenkant van de Staverse sluis.

vrijdag 11 juli 1980
 

Ik breng Hilda ‘s morgens om kwart voor zes naar het station, want zij moet die dag nog werken. Daarna varen Mark en ik de kwarttonner rond 8 uur door de sluis en meren af in de marina van Staveren. De keurmeester inspecteert de inbouw van de marifoon, meet een maximaal uitgangsvermogen van 12 watt en besluit dat alles goed is. Vervolgens moet hij mij het examen ‘marifoonbediening’ afnemen. Het is geen moeilijk examen want ik hoef maar een vraag te beantwoorden: ‘Heb je het boekje doorgelezen?’. Mijn ‘jazeker’ levert me een marifoon bedieningscertificaat op. Hierna vertrekt de keurmeester naar Makkum om daar een marifoon te keuren . . . . . hoezo, dichterbij geen optie?

Nadat ik Hilda heb opgehaald van het station, vertrekken we en hebben de sluis iets na 17:00 uur weer achter ons. De reis gaat voorspoedig en om 21:00 liggen we in de buitenhaven van Harlingen, net te laat om nog door de sluis te kunnen. De volgende morgen verkassen we naar ons ligplaatsje bij de Harlinger Jachtbouw (HBJ).

 zaterdag 12 juli 1980

Nadat er nog een rijtje klusjes zijn gedaan varen we om half drie ‘s middags weg. Op het wad zeilen we met fok en eerste rif.  Langs de Pollendam en in de Blauwe slenk moeten we kruisen, terwijl we onderweg ook nog een enorme bui over ons heen krijgen. In de Vliestroom kunnen we wat ruimer varen, maar na de VL5 moet de motor bij omdat we de stroom tegen hebben en de golven nogal hoog zijn. Na een langdurig rak boven de Richel komen we in de Vliesloot en maken iets voor negen uur ‘s avonds vast in de jachthaven van Vlieland. De Cetus Minor, het Waarschip van onze vrienden, ligt er al een paar uur.  Met een lekkere kop koffie komen we weer wat bij na al dat overkomende zout.

Dit artikel is gepubliceerd in categorie 1980 - Funen DK.