Anholt – Hallands Väderø

Woensdag, 29 juli 1981

We hebben geen zin om te wachten tot negen uur, alleen maar om havengeld te kunnen betalen en we vertrekken al om vijf over zes met bestemming Hallands Väderø. Het waait gelukkig met een krachtje 3, maar we moeten halverwege de koers wel wat verleggen omdat de wind nogal draait. Om half twee passeren we ons reisdoel, maar we varen eerst door naar Torekov om wat boodschappen te doen voor de komende drie dagen en hierna varen we weer terug naar Hallands Väderø. We ankeren in Sandhamn, een inham aan de oostkust van dit onbewoonde eiland. Nadat we de rubberboot hebben opgeblazen kunnen de kinderen naar hartelust roeien en kunnen we in het glasheldere water spartelen en rond de boot zwemmen.

In de avond maken we een korte wandeling op het eiland. We zien voor de eerste keer ons Waarschip op enige afstand achter het anker liggen. Het is erg rustig en behalve drie andere jachten is er geen teken van leven te bespeuren. We zijn erg tevreden met dit plekje. Gedurende de macht controleer ik meerdere keren of het anker niet krabt want onze ervaring met ankeren is eigenlijk ook maar nul komma nul.

Hallands Väderø, donderdag 30 juli 1981.

‘s Morgens liggen we nog wel vast, maar wel in een andere richting, want de wind is gedraaid en aflandig. Daarom leggen we de boot vast aan de rotsen. Eerst brengen we het anker achter uit en met een hamer sla ik een korte meerpin, die we hier speciaal voor hebben gekocht, in een scheur in de rotsen. De boot ligt zo stevig verankerd tot we terugkomen van een lange wandeling. Halverwege de wandeling over het rotsige eiland komen we bij het witte vuurtorentje dat we bij het aanlopen ook al hadden gezien. Dan blijkt dat de vuurtoren bewoond is terwijl we ook aan de zuidkant wat huizen zien.

‘s Middags begint de wind aan te trekken maar ook te draaien naar het Noorden. Er beginnen golven de inham in te lopen en het avondeten verloopt dan ook minder rustig. Het lijkt raadzaam om een ander overnachtingsplekje te zoeken. Volgens het havenhandboek moet ook aan de zuidzijde een natuurhaventje zijn. Daarom vertrekken we rond zeven uur en varen tussen twee andere kleine eilandjes zuidwaarts. We vinden het niet verantwoord aan de hand van een schetsje in het havenhandboek tussen rotsen door te varen die overal boven het water uitsteken. We varen daarom naar een aanlegsteigertje dat wat verder noordelijk ligt, maar we liggen verre van ideaal.

Hallands Väderø

Hallands Väderø

Nadat eerst twee vissers ons erg onduidelijk hebben uitgelegd waar we precies langs moeten varen en wat later hetzelfde verhaal wordt verteld door iemand die in het zuidelijke haventje ligt , waar ik toch even kijk, vertrekken we weer. Het is echt billen knijpen om de boot tussen twee rotsen door te sturen die dicht bij elkaar boven het water uitsteken, terwijl de golven er ook nog eens op stuk slaan. Maar we komen veilig in Kapellhamn aan. Er is nog ruimte, we brengen een hekanker uit en maken de punt vast aan de rotsen. Het kommetje is omringd door rotsen en we liggen erg beschut tegen de wind die inmiddels aangetrokken is tot, zoals we inschatten, zeker 6Bf. We prijzen ons erg gelukkig dat we toch naar dit plekje zijn verkast.

Dit artikel is gepubliceerd in categorie 1981 - Zweden.