NOK – Franeker

Zaterdag 21 augustus Flemhudersee – Cuxhaven

Het is nog allesbehalve licht als we om kwart voor zes vertrekken voor een saaie dag motoren door het Kielerkanaal. Het weerbericht bevalt me helemaal niet. De ‘window’ die we dachten te hebben om naar Nederland te varen wordt heel klein en harde wind met waarschuwingen voor 8 komt snel dichterbij. Het Raymarine ST60+ log waarvan ik de opnemer de vorige avond heb gecontroleerd en schoongemaakt wijst aanvankelijk 000 knopen aan, maar geeft later op de dag toch plotseling weer een snelheid. Eigenlijk hebben we de hele reis al wat probleempjes met het apparaat. Af en toe zijn de setup waarden verdwenen en zijn het kilometers ipv knopen, of wordt de temperatuur in graden fahrenheit aangegeven. Ook hebben we de correctiefactor voor de snelheid steeds moeten aanpassen omdat er wel een heel groot verschil met de GPS was ontstaan. Ik heb alle elektrische aansluitingen tijdens de reis gecontroleerd, seatalk kabeltjes gewisseld en zelfs de 12V via een aparte kabel naar het instrument gebracht, maar niets heeft geholpen.

In het kanaal houden we een snelheid aan van 5,4 kn en ik controleer nauwgezet of we elk uur 10 km zijn opgeschoten. Het ritme wordt verstoord als we een tijdje moeten wachten bij een Weiche. Het officiële boekje met regels waaraan je gebonden bent in het Noordoostzeekanaal is tamelijk uitgebreid, maar een A4-tje dat in Holtenau bij de sluis uitgereikt wordt, vermeldt alleen de regels die voor jachten van belang zijn, en dat helpt. Ik vraag via de marifoon wat er aan de hand is en heel correct krijg ik in minuten de wachttijd en de naam van het schip waarop we moeten wachten. Om 13:00 uur zijn we bij de sluis van Brunsbuttel en daar draaien we menig rondje voor we de sluis in mogen. Anderhalf uur later varen we de Elbe af naar Cuxhaven. We hebben de stroom mee, een stevige wind tegen en dus onstuimig water. Ergens halverwege steken we de Elbe over omdat we denken dat we onder de kust rustiger water zullen hebben, maar daar merken we niet zoveel van. Bij het insturen van de jachthaven is de sterke stroom heel duidelijk merkbaar en vroegtijdig indraaien is noodzakelijk anders ben je er voorbij.

We vallen met de neus in de boter want de jachthaven heeft een grote renovatie ondergaan en de heropening is precies op deze dag. ‘s Avonds is er een BBQ aan de kant en een groot aantal van de leden van de ‘Seglerverein Cuxhaven’ zijn aanwezig. De gasten zijn allemaal uitgenodigd om deel te nemen en als cadeautje wordt er die avond geen liggeld geheven.

Zondag 22 augustus tot en met woensdag 25 augustus in Cuxhaven

Zo rond het middaguur zou de grote uittocht van de Nederlanders die in Cuxhaven liggen moeten plaatsvinden, maar daar komt niets van terecht. De harde wind wordt nu  maandagavond al verwacht en iedereen is er van overtuigd dat het waarschijnlijk eerder zal komen. Er vertrekt slechts een boot met Lauwersoog als bestemming. Vanuit Brunsbuttel komen er nog veel jachten bij. Zolang we in Cuxhaven liggen wisselen mooie blauwe en zwaarbewolkte luchten elkaar af.

Erg donkere augustusluchten, 24 aug 's avonds tussen 6 en 7 uur

Erg donkere augustusluchten, 24 aug ‘s avonds tussen 6 en 7 uur

De wind is behoorlijk onstuimig en we meten op een zeker moment meer dan 35 knopen in de beschutte haven. Het weer is vaak het onderwerp van gesprek op de steiger. We zien Nederlanders vertrekken met het openbaar vervoer omdat de vakantie er blijkbaar op zit. Wij voelen ons bevoorrecht omdat de tijdsdruk voor ons niet meer aanwezig is, maar het weerbericht voor de terugreis heeft toch wel alle aandacht. Het is echter alles of niets, want aan het einde van de week wordt opnieuw een rustige periode verwacht, maar windkracht 2 is wel weer heel weinig. Het is een geluk dat de verwachtte wind uit oostelijke richtingen zal komen. Alle sites die we bezoeken melden zwak tot zeer zwakke wind en we verwachten met een vlakke zee bij Vlieland aan te komen.

Donderdag 26 augustus 2010 Cuxhaven – Kornwerderzand – Makkum

We vertrekken om 5:00 uur, tezamen met een lange rij Nederlandse jachten. Het is inderdaad heel rustig en de motor doet weer zijn best. We proberen nog wel even om de zeilen bij te zetten, maar eigenlijk hebben we er meer hinder van dan plezier. Al tuffend schuiven de bekende boeien en eilanden voorbij, totdat halverwege Langeoog de zeilen weer wat mee kunnen trekken. Boven Juist hoor ik de Nederlandse kustwacht voor de eerste keer en we schakelen over naar kanaal 23 voor het weerbericht. Tot onze verbazing horen we windwaarschuwingen voor Vlissingen en een uurtje later ook voor den Helder. De wind trekt al gauw aan en dat merken we dan ook goed aan de snelheid van de boot. Boven de Nederlandse Waddeneilanden komen we later in zwaar weer van 7 Bf terecht. We gaan veel te snel om  met gunstig tij en niet in het donker in het Stortemelk aan te komen. Daarom minderen we zeil en veel meer dan echt nodig is. Ondanks het feit dat we enkel op het stormfokje van 14 kwadraat varen klokken we SOG’s boven de 8 met een hoogste uurgemiddelde van 8,1 knopen. De wind komt ruim in, maar vanwege de achterop komende golven vraagt het sturen de nodige aandacht.

Als we Terschelling voorbij zijn en we rond de Westergronden varen slaat de vermoeidheid toe en wisselen we zelfs om de 15 minuten met sturen en navigeren, maar we lopen heel mooi het Stortemelk in. Tijdens de refit van de Trintella heb ik de kaartplotter vlak voor onze neus op de nieuwe stuurstand gemonteerd en dat blijkt tijdens deze tocht wel helemaal de juiste plek te zijn. De route die ik in Cuxhaven had ingebracht eindigt bij de uiterton van het Stortemelk en daar krijg ik spijt van want bij dit slechte weer valt het tegen om op zicht langs de tonnen te varen, omdat ze maar af en toe zichtbaar zijn. Nieuwe waypoints invoeren is simpel bij rustig weer, maar valt bij slecht weer en inmiddels aan de wind varend nogal tegen.

Na een aantal verlichte grote rode tonnen passeren we een onverlicht kleintje die we niet zo snel kunnen identificeren en even denken we ten onrechte dat we de Vliesloot in varen, maar na een korte correctie naar het noorden vinden we uit dat we toch nog steeds de juiste koers te pakken hebben. Als we de punt van Vlieland gepasseerd zijn en de VL1 bijna te pakken hebben begint het een beetje licht te worden en ontdekken we dat de stormfok behoorlijk bol staat en nog slechts met 4 leuvers vastzit. Het ziet er naar uit of de rest van de leuvers niet meer aan het zeil zit, maar ze zitten ook niet aan het stag. We starten de motor en met de nodige moeite krijg ik het zeil wel naar beneden, maar niet in de kleine zeilzak. Het is een worsteling om het zeil in de kuip te krijgen, maar het lukt. Op een puntje van de rolgenua zeilen we verder. In de kuip vind ik de leuvers weer terug, ze zitten nog steeds aan het voorlijk. Hoe de leuvers los zijn geraakt vraag ik me nog steeds af maar misschien is de val een stukje door de valstopper geslipt.

In de Vliestroom en de Blauwe Slenk kunnen we weer zien waar we varen. Havendienst Harlingen bevestigt de diepte de Boontjes die ik had berekend en we varen gelijk door naar Kornwerderzand. In de sluis vraagt een ambtenaar van de douane of we na de sluis even willen vastmaken om even met me te babbelen. Hij vraagt om mijn paspoort zodat ik niet vergeet om na de sluis aan te leggen? Het bezoek van de douane verloopt overigens uiterst plezierig en nadat ik heb aangetoond dat de boot mijn eigendom is en dat er BTW voor is betaald krijg ik mijn paspoort weer terug. We blijven aan de binnenzijde van de sluis liggen en slapen even goed uit voordat we doorvaren naar Makkum. Voordat de boot naar de winterberging gaat zwerven we nog een paar weken op het IJsselmeer.

Dit artikel is gepubliceerd in categorie Bergen - Franeker.