Blyth – Peterhead

Blyth – Peterhead
di 16 mei – wo 17 mei
146 zm van (tot nu toe) 514 zm

 


De gevaren route vanaf Blyth naar Peterhead

Gebruik de muis om in te zoomen in de kaart. Klik hier voor een schermvullende afbeelding.

Om verder noordwaarts te varen zijn er tussen Blyth en Peterhead weinig jachthavens geschikt voor ons. Veel van deze haventjes vallen gedeeltelijk droog of zijn te ondiep voor ons bij laag water. Amble vinden we met 15 zm een beetje te dichtbij. Voor Arbroath moeten we een kleine 100 zm varen, maar de haven is een zogenaamde ‘wet dock’: een basin met sluizen. De bediening hiervan is alleen plus of min 3 uren rond hoog water en bovendien alleen tijdens ‘kantooruren’. Dat levert dus geen voordeel op omdat we voor deze haven ook ‘s nachts moeten varen. Daarom kiezen we voor Peterhead want daar kunnen we altijd en onder alle omstandigheden binnen varen. We vertrekken iets na elf omdat we rekenen met 24 uur varen en dan komen we zeker overdag binnen ook als we sneller kunnen zeilen.

De wind ruim inkomend

Er staat een ruime wind van zo’n 14 knopen, 4 Bf dus, en we kunnen prima zeilen. We zien in buien de windmeter nog even 6 Bf aangeven, maar zoals we op de gribfiles al zagen zakt de wind later tot onder de 10 knopen en komt behoorlijk recht van achteren. De boot ligt bij deze omstandigheden behoorlijk van bakboord naar stuurboord op de golven te rollen. Niet onze meest comfortabele koers dus. Dit rollen heeft een continue invallend voorzeil tot gevolg terwijl we erg alert moeten zijn op onverwachte gijpen als de boot stevig naar bakboord rolt, wat ook een paar keer gebeurt. Om dit te voorkomen ga ik mijn experimentele giekrem maar eens uitproberen: een klimmers-acht aan de giek waar een lijn op een speciale manier doorheen wordt gehaald. De volgende gijp wordt geen klapgijp meer maar wordt netjes geremd en komt rustig over. Het eerste experiment hiermee vinden we geslaagd.

Het 3-kleurenlicht brandt niet!
In de avond moet de motor definitief bij terwijl het rollen gelukkig ook wat minder wordt. Nu, varend op de motor, moet ook de reguliere navigatieverlichting aan. Toen het begon te schemeren had ik de 3-kleuren navigatieverlichting al aangedaan, maar nu het goed donker is en omhoog kijk valt het me op dat ik het groene schijnsel tegen de antenne voet niet zie. Ik schakel vervolgens het ankerlicht aan maar zie ik ook al niets. Foute boel dus, heeft het te maken met de miserabele blokkeringsring van het 3-kleurenlicht? We hebben het licht toch niet verloren? Ik draai hier altijd een stukje zelfvulkaniserend rubbertape om, maar heb ik dat ook gedaan tijdens het zetten van de mast? Allemaal vragen die ik niet kan beantwoorden in het donker van de nacht. Het volgende probleempje treedt op als ik de motor navigatie verlichting controleer. Het rode bakboordslicht, dat de vorige nacht beslist wel brandde doet het nu niet. Ik wek Hilda en worstel me in vol ornaat met reddingsvest en life-line en een reservelamp over de rollende boot naar voren. Gelukking krijg ik de fitting goed uit de lantaarn en tijdens het losdraaien van de lamp brandt het ding al weer. Een slecht kontakt dus. Overdag maar eens kijken wat er boven in de mast aan de hand is.

Woensdagmorgen om kwart over tien arriveren we met weinig wind in Peterhead. De havenmeester vindt het uitstekend als we in een vrije box willen gaan liggen, veel dichter bij het kantoortje. Jammer is het nog steeds te ver voor het erg zwakke Wifi signaal, af en toe lukt het om een internetsite te bezoeken maar de boodschap “deze site is onbereikbaar” komt wel erg vaak op het scherm. Met het tablet in het kantoortje lukt het prima, maar de site bijwerken gaat niet. De havenmeester blijkt ons nog goed te kennen: ‘Uit Friesland toch?’ zegt hij als Hilda vraagt of hij haar nog kent.

Peterhead do 18 mei 2017
Peterhead havenbon

Peterhead havenbon

We blijven een dag in Peterhead om uit te vinden waarom het toplicht niet brandde. De meest prangende vraag die ik mezelf in het donker van de nacht stelde was de vorige dag al bevestigend beantwoord: ja, we hebben nog een toplicht. Ik controleer de 12V spanning op de connector onder aan de mast en die is aanwezig. Vervolgens maak ik alles in orde om met behulp van mijn zelfgefabriceerde “mastclimber” het toplicht zelf te inspecteren. Daar aangekomen kan ik de overige vragen beantwoorden. Het toplicht staat wat scheef in zijn voet en maakt geen contact meer. Het probleem is dus snel opgelost. Ik blijf erbij dat de blokkeringsring een miserabel ontwerp is want door de zeegang blijft de ring blijkbaar niet vastzitten en werkt het toplicht zichzelf los. Maar ik mag mezelf verwijten dat ik, in de drukte van het zetten van de mast , vergeten heb om de ring met tape vast te zetten. Edoch, met een goed ontwerp zou dit toch niet nodig moeten zijn. Ik vraag me af hoeveel toplichten al op de zeebodem liggen want een vriend vertelde mij dat hij zijn toplicht ook al eens was kwijtgeraakt en tijdens een delivery door mijzelf kwam het toplicht ook al naar beneden, gelukkig net naast me in de kuip.

De inductieplaat

De inductieplaat

Vandaag proberen we voor het eerst aan boord onze inductie kookplaat. Zolang er walstroom beschikbaar is willen we daar ook optimaal gebruik van maken. Het kookplaatje heeft de mogelijkheid om de afgenomen energie in te kunnen stellen. Maximaal 2000 en minimaal 200 Watt en een aantal mogelijkheden er tussenin. We hebben we een paar pannen aan moeten schaffen om ook inderdaad op inductie te kunnen koken. We vinden het resultaat fantastisch.

Bezoek van de Engelse douane

Bezoek van de Engelse douane

Een leuke onderbreking van de dag was het bezoek van de Engelse douane. Een lange rij vragen, compleet met bewijzen zoals paspoorten, bootpapieren, waar kwamen jullie Engeland binnen en waar gaan jullie naartoe? Mijn vraag of we na de Brexit afhandeling ook de gele vlag weer moeten hijsen konden ze niet beantwoorden, maar we hadden best wel lol.

Dit artikel is gepubliceerd in categorie Oost Schotland.